basnoot

mannelijk/vrouwelijk (de)/'bɑsnot/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een lage toon
    De grootste handicap voor een pianist bij samenzangbegeleiding is het ontbreken van het orgelpedaal, waarmee organisten de bas spelen. Zwarts pianozettingen gaan ervan uit dat de pianist met zijn linkerhand de basnoot speelt, eventueel verdubbeld voor de stevigheid, terwijl de rechterhand de tenorstem erbij neemt. Over pianozangbegeleiding van de gemeente schreef hij in 2009 in het tijdschrift EREdienst, jaargang 35 nr. 5, een uitvoerig artikel, dat te vinden is op zijn website dirkzwart.com. Reformatorisch Dagblad Jan-Kees Karels 26-11-2012 [https://www.rd.nl/muziek/psalmbewerkingen-voor-piano-1.702749 Psalmbewerkingen voor piano]