artritis

vrouwelijk (de)/ɑr'tritɪs/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medisch (medisch) gewrichtsontsteking

Etymologie

* Leenwoord uit het modern Latijn, in de betekenis van ‘gewrichtsontsteking’ voor het eerst aangetroffen in 1734

Vertalingen

Engelsarthritis
Fransarthrite
Spaansartritis
Portugeesartrite