arrest
onzijdig (het)/ɑ'rɛst/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een aanhouding, arrestatie, gevangennemingDe politieman zei: "Je staat onder arrest!".
- (juridisch) een uitspraak van een hogere rechter (in hoger beroep of in cassatie)
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘hechtenis’ voor het eerst aangetroffen in 1308
Vertalingen
Engelsarrest
Spaansdetención
Italiaansarresto
Poolsareszt
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek