angstgegner

mannelijk (de)/ˈɑŋstɡeɡnər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een gevreesd persoon of tegenstander
    In december 2017 dringen de zeer populaire handbalsters opnieuw door tot de laatste vier van een grote eindronde, maar opnieuw vindt het angstgegner Noorwegen op de weg.
    Stefan de Vrij is met Internazionale verder achterop geraakt in de strijd om de Italiaanse landstitel. Inter bleef thuis tegen angstgegner Sassuolo steken op 0-0.

Etymologie

*uit het Duits