anglomaan
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iemand die op een ziekelijke manier ingenomen is met de Engelsen en al wat Engels isIn zijn boek Voltaire's Coconuts beschrijft Ian Buruma de anglofiel en zijn Engeland en de Engelsen nog ziekelijker toegewijde broer, de anglomaan.
Etymologie
#op een ziekelijke manier ingenomen zijn met de Engelsen en al wat Engels is
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek