allerarmsten

meervoud/ˈɑlərˌɑrᵊmstə(n)/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. mensen die het minste geld te besteden hebben

Etymologie

*, afgeleid van "allerarmste" ; het enkelvoud "allerarmste" komt alleen voor als zelfstandig gebruikt bijvoeglijk naamwoord