allerarmsten
meervoud/ˈɑlərˌɑrᵊmstə(n)/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- mensen die het minste geld te besteden hebben
Etymologie
*, afgeleid van "allerarmste" ; het enkelvoud "allerarmste" komt alleen voor als zelfstandig gebruikt bijvoeglijk naamwoord
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek