afvreten

/ˈɑvretə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) door eten verwijderen, door happen of bijten laten verdwijnen
    Kale plekken laten zien waar de geiten het gras afvreten.
  2. ov, informeel (ov) (informeel) door eten kaal maken, door happen of bijten van begroeiing ontdoen
    Die bomen werden door de bevers helemaal afgevreten.
  3. inerg, informeel (inerg) (informeel) eten tot je klaar bent
    De hyena's laten de leeuwen eerst afvreten, voordat ze in de buurt durven komen.
  4. ov, figuurlijk (ov) (figuurlijk) door bijtende werking laten vergaan
    De tekst wordt onleesbaar door de stoffen die de verf afvreten.