aftreksel
onzijdig (het)/ˈɑftrɛksəɫ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een vloeistof waarin men de oplosbare delen van iets heeft laten oplossen
- een zwakke vorm van ietsChantal probeerde een glimlach te produceren. Het werd een flauw aftreksel, aangezien andere emoties nog vrij spel hadden.
Etymologie
* van aftrekken
Vertalingen
Engelsextract
Fransinfusion
DuitsAufguss
Spaansextracto
Italiaansinfusione
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek