afrossen
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- (ov) een pak ransel geven, afranselen
Etymologie
* In de betekenis van ‘een pak slaag geven’ voor het eerst aangetroffen in 1641
Vertalingen
Engelsto beat up
Fransbanke opp
Duitsdurchprügeln, verprügeln, zusammenschlagen
Spaansapalizar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek