afrodisiacum

onzijdig (het)/ˌafrodisiˈjakʏm/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. seksualiteit (seksualiteit) een middel dat de geslachtsdrift stimuleert

Etymologie

*(eponiem): via Neolatijn "aphrodisiacum" van "ἀφροδισιακός" "betrekking hebbend op , godin van de liefde," in de betekenis van ‘geslachtsdrift stimulerend middel’ voor het eerst aangetroffen in 1824

Vertalingen

Engelsaphrodisiac
Fransaphrodisiaque