afkoelingsperiode
vrouwelijk (de)/'ɑfkulɪŋsperijodə/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- tijd die men kan gebruiken om tot bezinning te komen in een conflict of bij een grote aankoopHet was niet de enige keer dat de scheidsrechter handelend moest optreden. Al voor rust lag het duel enkele minuten stil, omdat er vanuit het publiek een opblaasbare banaan naar spelers van Roma was gegooid, terwijl ook na de afkoelingsperiode supporters doorgingen met troep op het veld gooien.NRC 6 februari 2015
- tijd die nodig is om van iets de temperatuur te laten dalen
- tijd die nodig is om tot rust te komen
- tijd die nodig is om van de ene naar de andere functie te gaan zonder dat er een belangenconflict ontstaat
Vertalingen
Engelscooling-off period
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek