afdansen

/ˈɑvdɑnsə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. het afleggen van een dansexamen
    Toch was Samsom sterk, hoewel hij er wel enigszins uitzag als neef Frans die moest afdansen en van tante Corrie toen een keurig C&A'tje had gekregen. "Stropdas erbij doen voor de jongeheer, mevrouw?" "Bijzonder vriendelijk, mijnheer." Het Parool T. Holman 23 augustus 2012 [https://www.parool.nl/opinie/samsom-zag-eruit-als-neef-frans-die-moest-afdansen~a3305306/ Samsom zag eruit als neef Frans die moest afdansen]
  2. zich verwijderen door te gaan dansen