aanstellen
/ˈanstɛlə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) iemand ~ tot: benoemenHij werd aangesteld tot bestuurder.
- (refl) zich ~: zich overdreven gedragen, onecht doenAch, stel je niet zo aan!Wij mogen dan weifelen, boos of onzeker worden en ons aanstellen, maar met een beetje geluk zal in het werktuig dat we maken uiteindelijk geen spoor van onze zwakheden achterblijven.
Vertalingen
Engelsappoint
Spaansnombrar
Italiaansnominare
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek