aanhangwagen
mannelijk (de)/ˈanhɑŋˌwaɣə(n)/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (verkeer) een wagen die gekoppeld wordt achter een aangedreven wagen en zo vooruitgetrokken wordt
Etymologie
* Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘wagen die door andere wordt voortgetrokken’ voor het eerst aangetroffen in 1934
Vertalingen
Engelstrailer
Fransremorque
DuitsAnhänger
Spaansremolque, coche de remolque, coche remolque
Italiaansrimorchio
Poolsprzyczepa
Zweedssläpvagn
Deensanhænger
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek