aaneenrijging
vrouwelijk (de)/anˈenrɛiɣɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het aan elkaar vast rijgen (ook figuurlijk)Dat is louter een aaneenrijging van feiten, gebeurtenissen, meningen of andere zaken.
Etymologie
* van aaneenrijgen .
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek