aaneenkoppeling
vrouwelijk (de)/anˈenkɔpəlɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het aan elkaar koppelenPolymeerketen: dit is het resultaat van de aaneenkoppeling van monomeer tot polymeer die plaatsvindt tussen de initiatie (door een radicaal) en de terminatie (door een tweede radicaal) van de polymerisatiereactie.
- het aan elkaar gekoppeld zijnDe aaneenkoppeling van diverse zalen.
Etymologie
* van aaneenkoppelen .
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek