aanbakken

/ˈambɑkə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. erga (erga) door het bakken aankoeken, vasthechten, vastkleven aan de pan
    Hoewel hij driftig aan het roeren was, bakte het eten toch aan.

Etymologie

* In de betekenis van ‘vastkleven’ voor het eerst aangetroffen in 1632

Vertalingen

Engelsstick to the pan, stick
Fransattacher
Duitsanbrennen, ansetzen
Spaanspegarse
Deensbrænde på