Stokroos

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈstɔkros/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bloemplanten, medisch (bloemplanten) (medisch) bepaald soort tweejarige plant met lange, houtachtige stengel en roosachtige bloemen, uit de kaasjeskruidfamilie ()
  2. tuinieren (tuinieren) stamroos

Vertalingen

Spaansmalva loca, malva real, real rosa