Schram
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- oppervlakkige beschadiging van de huid door een ongevalEen gezonde jongen heeft altijd schrammen op zijn knieën.
Etymologie
* In de betekenis van ‘kras’ voor het eerst aangetroffen in 1342
Vertalingen
DuitsSchramme, Kratzer
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek