Pastinaak

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. landbouw (landbouw) bepaald circa 20 cm lang knolgewas,
  2. groente (groente) knol van

Etymologie

* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘plant’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1226

Vertalingen

Engelsparsnip
Franspanais
DuitsPastinake
Spaanschirivía
Italiaanspastinaca
Russischпастернак
Poolspasternak
Zweedspalsternacka
Deenspastinak