woorden
boek
Start
›
M
›
Mastbos
Mastbos
onzijdig (het)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
een bos met dennen of pijnbomen
gebied met veel heipalen
een grote groep van scheepsmasten
Verwante woorden
Mast
mastaba
mastbeeld
mastbomen
mastboom
mastbossen
Mastebroek
mastectomie
mastel
Masteling
mastellen
masteluin
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← mastboom
mastbossen →