Koster

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. beroep (beroep) kerkelijke bediende, die met de zorg van het kerkgebouw, en het vlot verloop van de kerkdiensten belast is

Etymologie

* Leenwoord uit het middeleeuws Latijn, in de betekenis van ‘kerkbewaarder’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1200

Vertalingen

Engelssexton, verger
Fransbedeau, sacristain
DuitsKüster, Kirchendiener, Kierchendienerin
Spaanssacristán
Italiaanssagrestano, sagrestana