Beau
mannelijk (de)/bo/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- man waarmee een liefdesrelatie bestaatJe eigen, voorheen immer thuiszittende Odile, is door de voorbije reis ontstoken in een op zich vredige reiswoede en zou heel graag met haar beau nogmaals op reis gaan, nu langs de vele vrienden in binnen- en buitenland. Er zullen wel weer mensen jaloers zijn, maar ik vind het wel aangenaam om een beetje benijd te worden.
Etymologie
*van """
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek