Aambeeld
onzijdig (het)/ˈambelt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (techniek) (gereedschap) het ijzeren smeedblok waarop de smid het gloeiend metaal smeedt
- (anatomie) gehoorbeentje
- (meteorologie) een paddenstoelvormige wolk die zich soms boven een buienwolk ontwikkelt
Etymologie
*Vermoedelijk een leenvertaling van het Latijnse incus. Het eerste deel is dan eigenlijk het voorzetsel aan, waarna als gevolg van regressieve assimilatie een verschuiving van -n- naar -m- heeft plaatsgehad. Het tweede deel hangt o.a. samen met het Engelse beat, maar is vervormd onder invloed van beeld
Uitdrukkingen
- altijd op het zelfde aambeeld hameren — steeds maar blijven herhalen, benadrukken
- Tussen de hamer en het aambeeld — in een zeer ongunstige positie zijn
Vertalingen
Engelsanvil
Fransenclume
DuitsAmboss
Spaansyunque
Italiaansincudine
Portugeesbigorna
Russischнаковальня
Arabischسندان
Poolskowadło
Zweedsstäd
Deensambolt
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek