zuilengalerij

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bouwkunde (bouwkunde) galerij met zuilen
    De zuilengalerij was begroeid met klimop. Een van de grote aardewerken vazen waaruit bougainville golfde, was gebarsten. Onkruid groeide tussen het grind. Vredig, maar dat was het woord niet. Berustend. Men zou het verstrijken van de tijd en het verlies van alle dingen inderdaad net zo goed kunnen aanvaarden.

Vertalingen

Engelsportico
Spaansperistilo, portal