zoeker
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iemand die zoektHij is altijd een beetje een zoeker gebleven.
- (fotografie) een instrumentje op of aan een camera dat het richten ervan vergemakkelijkt, een richtmiddelEindelijk werd zijn geduld beloond en had hij een sneeuwluipaard in zijn zoeker.
- een lijst of catalogus die het zoeken van een product of dienst vergemakkelijkt
- (informatica) een elektronische versie van [3]
Etymologie
* van zoeken
Vertalingen
Engelsviewfinder, sight, gunsight
Fransviseur
Spaansalza, buscador, buscador
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek