zodiac

mannelijk (de)/ˌzodiˈjɑk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een tot soortnaam geworden merknaam voor een professioneel type opblaasboot
    De inzittenden raakten door de botsing tussen de twee zogeheten zodiacs, snelle rubberboten, te water.
    Sinds 2010 overwinteren enorme scholen haring in de fjorden rond Tromsø en trekken die op hun beurt weer orka’s en bultrugwalvissen aan. Met een beetje geluk laten deze dieren zich zien. Waar mogelijk maakt u met zodiacs landingen op de spectaculaire eilanden rond Tromsø.

Etymologie

* uit het Latin