zinsstructuur

vrouwelijk (de)/ˈzɪnstrʏkˌtyr/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de opbouw van een zin uit woorden en woordgroepen
    Marokkanen lopen aan tegen de verschillen in de woordvolgorde in zinnen. In het Marokkaans-Arabisch komt het werkwoord op de tweede plaats in de zin, net als in de normale Nederlandse hoofdzin: 'Hij gaat naar de trein'. In zulke constructies kan de Marokkaan dus zijn kennis van zijn eigen taal toepassen op de Nederlandse zinsstructuur.