zijinstroom

mannelijk (de)/ˈzɛiʔɪnstrom/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. onderwijs (onderwijs) aanstelling als leerkracht van mensen die daarvoor niet volledig zijn opgeleid, maar daarvoor om andere redenen wel bekwaam worden geacht
    Haar collega's mogen het nog niet weten, daarom geeft ze geen achternaam, maar Nancy (53), hr-manager bij een maatschappelijke organisatie, zit boven in het gebouw van het UWV omdat ze iets anders wil: het onderwijs in. Ze luistert met vijftig anderen naar het verhaal van Edwin Borger en Vivianne Spruit van het Schoolbureau over zijinstroom in het basisonderwijs.
  2. onderwijs (onderwijs) mensen die een opleiding volgen zonder de normale vooropleiding, maar met een andere opleiding of ervaring op vergelijkbaar niveau
    “Bouwmensen leidt timmerlieden, metselaars en assistent-uitvoerders op. Onze corebusiness ligt bij het mbo,” legt Martien uit. “Van niveau 1 tot en met 4. Naast de instroom vanuit het vmbo hebben we ook zijinstroom (mensen die uit een ander vak of situatie instromen). (…)”