Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

ziekte van Parkinson

vrouwelijk (de)/ˌziktevɑmˈpɑrkɪnsɔn/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medisch (medisch) ziekte die het centrale zenuwstelsel steeds verder aantast

Etymologie

*, (eponiem) dat verwijst naar de 18e-eeuwse Britse arts die het ziektebeeld in 1817 voor het eerst beschreef

Vertalingen

EngelsParkinson's disease
Fransmaladie de Parkinson
DuitsParkinson-Krankheit
Spaansenfermedad de Parkinson