zeventiger
mannelijk (de)/ˈsevə(n)təɣər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iets of iemand met een leeftijd tussen de 70 en 80 jaarDe zeventiger, die werd veroordeeld tot 12,5 jaar cel voor drie bankovervallen, poging tot moord en inbreuk op de wapenwet, verweet de onderzoekers incompetentie en beweerde meer kennis van zaken te hebben dan zijn eigen advocaten.Vrienden en buren van Joao, een zeventiger van Portugese afkomst, konden ook nauwelijks geloven dat hij verdachte nummer één zou zijn van zo’n gruwelijke misdaad.
- iets of iemand met een leeftijd van 70 jaar
- de jaren tussen 1970 en 1980
Etymologie
*afgeleid van zeventig
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek