zevenenhalf

/ˈzevənənˌhɑlᵊf/

Betekenis

telwoord
  1. breukgetal (breukgetal) de breuk 7½ of 7,5; het getal halverwege 7 en 8
    Het was een forse baby van zevenenhalf pond.
    Ze voegde zevenenhalve deciliter toe.