zesentachtigjarige

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈzɛsənˌtɑxtəxˌjarəɣə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. levend wezen dat 86 jaar oud is of iets dat 86 jaar bestaat
    De zesentachtigjarige heeft zijn vijf jaar jongere echtgenote tijdens zijn studie in Deventer leren kennen.

Etymologie

*"86-jarige"