zelfscholing
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- zichzelf iets aanleren; zichzelf opleiden in een bepaald gebied, vak of beroepWellicht vloeien uit een analyse van voorgaande debatten lessen voort die tot verbetering kunnen leiden. Van zelfkritiek naar zelfscholing.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek