zeeboezem
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (aardrijkskunde), (scheepvaart) een stuk zeewater zich in zekere mate landinwaarts uitstrektKreken, zeearmen, inhammen, golven, baaien, bochten en binnenzeeën zijn zeeboezems.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek