zee-egel

mannelijk (de)/ˈzeʔeɣəl/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. stekelhuidigen (stekelhuidigen) op de zeebodem levend bol-, hart- of schijfvormig stekelig ongewerveld diertje dat behoort tot het fylum stekelhuidigen (Echinodermata)

Vertalingen

Engelssea urchin
Fransoursin
DuitsSeeigel
Spaanserizo de mar
Italiaansriccio di mare
Portugeesouriço-do-mar
Turksdenizkestanesi
Poolsjeżowiec
Zweedssjöborre
Deenssøpindsvin