zaklamp
vrouwelijk (de)/ˈzɑklɑmp/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- kleine, draagbare lamp die op batterijen werktIk zag twee felle zaklampen op een aantal tenten schijnen waar de laatste uren flink wat lawaai vandaan was gekomen.Harald lag onder de deken met een zaklamp en las met bonkend hart. 'De loopgravenstrijd is de bloedigste, wildste en wreedste van alle veldslagen. Er stonden mannen in op die de situatie meester waren, onbekende, onverschrokken krijgers.
Vertalingen
Engelsflashlight, torch
Franslampe de poche
DuitsTaschenlampe
Spaanslinterna de bolsillo
Zweedsficklampa
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek