witgoed

onzijdig (het)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. kleding (kleding) wit gekleurde kleding
    Heb jij nog witgoed voor in de was?
  2. elektronica (elektronica) elektrische huishoudelijke apparatuur, waarvan de kleur oorspronkelijk vaak wit was
    Het witgoed in de winkel stond achterin en omvatte onder andere koelkasten, diepvriezers, wasmachines en droogtrommels.