wipkip
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een speeltoestel dat bestaat uit een springveer met daarbovenop één tot vier zitplaatsenHij was nog maar een knaapje van 4. Zijn handjes vastgeklampt aan de rand van de grote rieten mand. Rode wangen van enthousiasme en een glimlach van oor tot oor. Martijn Hoogeslag maakte ballonvaarten, terwijl andere kleuters op de wipkip speelden. Tubantia Mandy de Jong 21-09-17 [https://www.tubantia.nl/dinkelland/martijn-16-uit-ootmarsum-is-jongste-ballonvaarder-van-nederland~a11619f2/ Martijn (16) uit Ootmarsum is jongste ballonvaarder van Nederland]Wethouder Elferink beloofde er werk van te maken. "En dan wil ik er ook echt iets moois van maken. Het moet in elk geval meer zijn dan een wipkip." Hugo Koetsveld (SP), een van de indieners van de motie, deed de suggestie om kinderen daarover mee te laten praten. De wethouder reageerde enthousiast op dat idee. "Dat pak ik op. Het lijkt me heel leuk om een aantal ontwerpen voor te leggen aan kinderen en hen daaruit te laten kiezen." Tubantia Jan Ankoné 31-01-18 [https://www.tubantia.nl/hengelo/lot-van-boom-bij-hengelose-stadhuis-is-bezegeld~a057fa28/ Lot van boom bij Hengelose stadhuis is bezegeld]
- meisje dat aanpapt met oudere mannen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek