winstdaling

vrouwelijk (de)/ˈwɪnsdalɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. vermindering van de winst
    De Kospi in Seoul steeg 0,5 procent. In Zuid-Korea meldde Samsung een flinke winstdaling over het derde kwartaal, door de affaire rondom de Galaxy Note 7. Samsung won desondanks 0,4 procent. Tubantia 27-10-16 [https://www.tubantia.nl/economie/nikkei-sluit-met-klein-verlies~ac52f9ac/ Nikkei sluit met klein verlies]
    Voor BNP Paribas resteerde onder de streep een bedrag van 1,9 miljard euro. Dit betekende een stijging van 3 procent ten opzichte van een jaar eerder. Analisten gingen er over het algemeen van uit dat de nettowinst 1,7 miljard euro zou bedragen, wat een winstdaling zou hebben betekend. Tubantia 28-10-16 [https://www.tubantia.nl/economie/obligatiehandel-helpt-bnp-paribas-vooruit~afd28162/ Obligatiehandel helpt BNP Paribas vooruit]

Vertalingen

Engelsdecrease of profit