wijsvinger
mannelijk (de)/ˈwɛisfɪŋər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (anatomie) tweede vinger, gelegen tussen de middelvinger en de duimTijdens zijn volgende verlof was Cécile er dromerig en betoverd met het puntje van haar wijsvinger overheen gegaan, wat Alberts stemming er niet beter op had gemaakt. {{Aut|Lemaitre, PierreIk veeg er met mijn wijsvinger over.Bibi pakt met duim en wijsvinger het slotje van de rits.
Uitdrukkingen
- Met het wijsvingertje klaarstaan.
Vertalingen
Engelsforefinger, index finger
Fransindex
DuitsZeigefinger
Spaansdedo índice
Italiaansindice
Portugeesdedo indicador, indicador, índice
Japans人差し指
Turksişaretparmağı
Poolspalec wskazujący
Deenspegefinger
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek