wereldheerschappij

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het heersen over een groot gedeelte van de wereld
    Zijn ideologische kernpunten waren uitgedrukt in een boek dat De waarheid rond technologie heette, en waarin hij betoogde dat kleine landen uiteindelijk het meest profiteerden van technologie, en dat de niet aflatende inspanningen van grotere landen op het gebied van technologische ontwikkeling eigenlijk de weg vrijmaakten voor de wereldheerschappij van de kleinere.
    Hij was geen nazi en verachtte vaak hun onbeschoftheden, maar hij zag het nationaal-socialisme als het enige instrument dat het vermogen had om Duitsland wereldheerschappij te bezorgen.