wennen

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. gewoon worden, vertrouwd raken
    Hij moest wennen aan de nieuwe opzet van het systeem.
    Het was even wennen om helemaal alleen door de uitgestorven woestijn te lopen, maar toch raakte ik geleidelijk in een ritme.
  2. vetrouwd maken
    Hij wende zijn hond geleidelijk aan zijn nieuwe omgeving.

Etymologie

* In de betekenis van ‘gewoon raken’ voor het eerst aangetroffen in 1287

Vertalingen

Engelsget used
Franss'habituer
Duitsgewöhnen
Spaansacostumbrar, acostumbrarse, habituar