wemelen

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. absol (absol) door elkaar heen bewegen
    De kevers wemelden over de mesthoop.
    Op de kade namen we een taxi, al was het een kort stukje naar een wemelende straat met veel winkels.
  2. onpr (onpr) ~ van: in groten getale aanwezig zijn
    Buiten ons zonnestelsel wemelt het waarschijnlijk van de zwerfplaneten.
  3. ov (ov) boren met een wemel, een omslagboor
    Er werden een paar gaten gewemeld.
  4. tweede betekenisomschrijving
    Zin met het wemelen in de tweede betekenis erin.
  5. enz.

Etymologie

* In de betekenis van ‘krioelen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1546