weggooien

/ˈwɛxojə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) iets met de hand in beweging brengen zodat het zich snel vrij door de lucht verwijdert
    Je kunt simpelweg een bal weggooien en terug laten brengen door je hond.
    Ook tilde hij biervaten op en wedde met een anderen bezoeker wie ze 't verste kon weggooien;
  2. ov (ov) zich van iets ontdoen
    Kun je die dozen even voor me weggooien?
    Paklijst Aan het lijf Wandelschoenen Wandelstokken Wandelsokken Ademende kleding Hoed/pet In de dagrugzak (20-40 liter) Portemonnee met voldoende contant geld Paspoort Creditcard Telefoon met noodnummers en navigatie-app Waterfles Zonnebrandcrème Zonnebril Verrekijker Regenkleding Badslippers of sloffen voor in de hotels Mueslirepen en andere snacks (noten, gedroogd fruit) Desinfecterende handgel Zakdoekjes Lucifers Tampons, plus zakjes om ze later weg te kunnen gooien EHBO-Set Pleisters Blarenpleisters Betadine of ander ontsmettingsmiddel Antimuggenspray Vaseline Sporttape (overal goed voor) mw of ander middel tegen uitdroging Spier- en gewrichtsgel Pincet Dankwoord Natuurreisorganisatie SNP, met name Marleen Raats, Carlijn Keukens en Floor Langenberg.
    Behalve digitale kaarten op mijn telefoon droeg ik ook papieren kaarten en een kompas met me mee, maar al na een aantal weken gooide ik alle papieren kaarten weg om gewicht te sparen.
  3. figuurlijk, ov (figuurlijk)(ov) iets waardevols door eigen toedoen verliezen
    We vinden het afgrijselijk dat jongeren hun toekomst weggooien.

Uitdrukkingen

  • het kind met het badwater weggooien
  • op slot doen en de sleutel weggooien
  • geld weggooien
  • men moet oude schoenen niet weggooien, voordat men nieuwe heeft