waterdoorlatendheid
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de mate waarin iets water kan doorlatenDe contouren van de wallen en de grachten werden zo duidelijk zichtbaar omdat de waterdoorlatendheid van die plekken beter is dan op onaangeroerde plekken: het gewas dat er boven groeit krijgt meer vocht. Tijdens de extreem droge zomer van 2003 waren de 'groene' contouren van de linie zichtbaar in het gewas. Tubantia 03-01-08 [https://www.tubantia.nl/achterhoek/groenlo-geen-tweede-bourtange~a0066a12/ Groenlo geen tweede Bourtange]
- het niet waterdicht zijn
Etymologie
afleiding van waterdoorlatend
Vertalingen
Engelspermeability, hydraulic conductivity
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek