wachter
mannelijk (de)/ˈwɑxtər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iemand die op wacht staat
- iemand die staat te wachten
Etymologie
* afgeleid van de werkwoordstam van wachten
Vertalingen
Engelsguard
Spaansguarda, guardián
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek