vrouwenhand
mannelijk/vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de hand van een vrouwDoch waer toe dient heur tegenstand By snooden moordnaersslach? Wat kan een swakke vrouwenhand By d óngelyken slag? J.De dames dragen echter hun gedecolleteerde japonnen en de heren hun dunne witzijden kousen als was het een zomerdag, en al is menig vrouwenhand blauw en stijf van de koude, zij hanteert ijverig de borduurnaaf .
- de manier van doen van een vrouw
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek