vroegte
vrouwelijk (de)/ˈvruxtə/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (tijdrekening) begin van de morgenIk werd in alle vroegte gewekt door iemand die over mijn scheerlijn struikelde en brommend verder liep.
Etymologie
*Oude afleiding van het bijvoeglijk naamwoord vroeg .
Vertalingen
DuitsFrühe
Spaansmadrugada
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek