woorden
boek
Start
›
V
›
voorvork
voorvork
mannelijk/vrouwelijk (de)
/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
werktuigbouwkunde
(werktuigbouwkunde) vork waarin het voorwiel van een rijwiel (step, fiets, bromfiets of motorrijwiel) hangt
Antoniemen
achtervork
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← voorvoeten
voorvorken →